
Vismeel is (meestal) gemalen, gedroogde vis of visbijproducten. In de voerwereld wordt het gebruikt als zeer geconcentreerde eiwit- én nutriëntenbron met een sterke smaak-/geurwerking (attractie). Het wordt al decennia breed ingezet in aquacultuur omdat het vaak zorgt voor goede groei, voeropname en voerefficiëntie. De basisstappen van productie zijn grofweg: koken ~ persen (olie/water eruit) ~ indampen/drogen ~ malen.
De complexiteit van ieder koivoer zit ’m in wat men wel de ‘premix’ noemt.
Als je bijvoorbeeld een specifiek kleurvoer wil maken, dan zijn onderdelen daarvan terug te vinden in de premix. Datzelfde geldt voor een aantal vitamines, mineralen en toevoegingen die de gezondheid van de koi bevorderen.
Op basis van zeer goede gronden wordt over de premix vaak zeer geheimzinnig gedaan, omdat dit feitelijk het belangrijkste onderdeel is van het recept van het koivoer.
Het ruw-asgehalte in KiGen-voer ligt gemiddeld hoger dan gebruikelijk. Dit is echter een bewuste en onderbouwde keuze. Het hogere percentage is het directe gevolg van essentiële toevoegingen die wij van groot belang achten voor de gezondheid en vitaliteit van koi. Denk hierbij aan onder andere zout, dat circa 2,5% van de totale voersamenstelling uitmaakt, en montmorilloniet klei, een waardevol mineraal dat standaard is verwerkt in alle KiGen-voeders.
Naast eiwitten vormen vetten en koolhydraten een belangrijke voedingsbron in koivoer.
In dit deel staan we vooral stil bij koolhydraten en leggen we uit waarom KiGen tot de keuze is gekomen van het kostbare gierst als voornaamste bron van koolhydraat.
Het is opvallend dat er altijd erg veel aandacht uitgaat naar de gebruikte eiwitten, maar de keuze voor koolhydraten nauwelijks aandacht krijgt.
Koolhydraten zijn technisch gezien geen essentiële nutriënt voor koi, maar ze spelen in koivoer wel een functionele en economische rol. Hieronder een technisch overzicht van de meest gebruikte kolhydraatbronnen in koivoer, met hun functie, voordelen en aandachtspunten.
RG92 in de context van de koihobby